VvSL | DecaZine 29

en te studeren. De kwaliteit van het onderwijs in de Cariben blijft kwetsbaar, mede vanwege personele tekorten. Ook armoede en sociale problematiek zoals verslaving en huiselijk geweld kunnen in de schoolcontext merkbaar zijn en schoolprestaties beïnvloeden; - noodzakelijke studievaardigheden alsmede zelfredzaamheid en assertiviteit worden nauwelijks aangeleerd; - de beschermende (‘pamperende’) cultuur jegens kinderen/jongeren, ook op school. | Studiekeuzeproces en voorbereiding op het vervolgonderwijs - minder dan de helft (!) van de Caribische leerlingen spreekt met een decaan of studieadviseur over de studiekeuze; - Caribische studenten zeggen dat ze de ondersteuning bij de studiekeuze en de voorbereiding op de overgang naar het vervolgonderwijs vaak (zeer) ontoereikend vinden. Soms bleek de vanuit school (decaan) aangereikte informatie onvolledig, verouderd of verkeerd. Deze studenten melden dat ze dat het merendeels zelf hebben moeten uitzoeken en dat ze het (erg) moeilijk vonden zich een goed beeld van de studie te vormen; - veel leerlingen maken een verkeerde studiekeuze; de oriëntatie op het vervolgonderwijs en de leefsituatie en cultuur in Nederland schiet tekort; - een actieve oriëntatie op studiemogelijkheden in Nederland (met bezoek aan open dagen etc.) is lastig, mede vanwege de grote afstand; - leerlingen zijn tot en met het eindexamen hoofdzakelijk bezig met het behalen van hun diploma. Pas daarna gaat de blik naar de vervolgopleiding; veel te laat!; - er is bij ouders en leerlingen een voorkeur voor status gevende studies zoals rechtsgeleerdheid en geneeskunde, die mogelijk minder goed bij de leerling passen. Het bovenstaande maakt duidelijk dat een schooldecaan in de Cariben een zware taak heeft. En de leerling? Als die veel van de genoemde problemen heeft weten te overwinnen, en daarna succesvol is aan een Nederlandse hbo-instelling of universiteit, is dat best knap. Heel knap zelfs. Of die jonge moeder is gaan studeren? Ik weet het niet. STUDIESUCCES: REALITEIT MINUS VERWACHTING = TELEURSTELLING In het Nederlandse hbo starten elk jaar ongeveer 750 Caribische studenten en in het wo ongeveer 250. In wetgeving is de gelijkstelling van vergelijkbare diploma’s in de Cariben en in Nederland geregeld. Dat wil echter niet zeggen dat de bevoegdheid die je ontleent aan zo’n diploma, dezelfde is als de bekwaamheid om succesvol met een Nederlandse vervolgopleiding te starten. In het eerste studiejaar is er bij Caribische studenten een relatief hoog aandeel switchers (hbo 48%, wo 43%). De uitval in het hbo en wo is bij hen aanvankelijk niet hoger dan bij andere studenten. Na het eerste studiejaar echter blijft bij Caribische studenten een aanzienlijke uitval optreden, terwijl die bij andere studenten daalt. Het diplomarendement (na 5 jaar) is vooral in het hbo laag: 23 procent. Ter vergelijking: bij studenten met niet- westerse migratieachtergrond is dat 33% en bij overige studenten 51%. In het wo zijn verschillen kleiner: na vier jaar heeft 43 procent van de Caribische studenten het bachelordiploma, tegenover 58% van de studenten met niet-westerse migratieachtergrond en 61% bij de overigen. Opvallend is voorts dat Caribische studenten vaker dan andere studenten overtuigd zijn van hun studiekeuze en hun kansen om het diploma te behalen. In de praktijk zijn switch en uitval echter veel hoger. De kloof tussen verwachting en realiteit is bij Caribische studenten blijkbaar veel groter dan bij andere studenten. Bron: ‘Studiesucces en -ervaringen van studenten uit de Caribische delen van het Koninkrijk’ (ResearchNed, april 2021) 14

RkJQdWJsaXNoZXIy MjI3ODc=